Behandelfase

Wanneer de diagnose mastocytose is gesteld, zien we u minimaal een keer per jaar op de polikliniek voor controle van de klachten en bloedcontroles. Bij indolente mastocytose komt u op de poli bij de internist-allergoloog; bij agressievere vormen van mastocytose is dit de internist-hematoloog. Wanneer een behandeling wordt gegeven, kunnen deze controles ook vaker per jaar zijn. We houden patiënten met mastocytose de rest van hun leven onder controle.

De behandelingen die plaats vinden in de behandelfase

  • Antihistaminica – dit zijn medicijnen die we geven om de symptomen van mastocytose, zoals jeuk, huiduitslag of diarree, te verlichten. Deze medicatie wordt dagelijks genomen, vaak ook in combinatie van verschillende antihistaminica. De voornaamste bijwerking is slaperigheid, maar veel mensen wennen hier ook aan.
  • Osteoporose – hiervoor wordt behandeld met calcium, vitamine D, bisfosfonaten zoals alendroninezuur, en als nodig halfjaarlijkse injecties met denosumab.
  • Immuuntherapie – dit is een behandeling voor de patiënten waar een wespen- of bijenallergie is vastgesteld. In het begin moeten mensen wekelijks komen, maar na de opbouw is een keer in de 4 tot 6 weken voldoende. Het advies is de immuuntherapie ook de rest van het leven vol te houden.
  • Omalizumab – dit is een zogenaamde biological gericht tegen IgE. IgE is een afweerstof die de mestcel activeert. Door IgE te remmen lijken de mestcellen minder klachten te geven.
  • Chemotherapie – dit is afhankelijk van de ernst van de klachten en de vorm van de mastocytose. Er bestaan verschillende soorten chemotherapie, de hematoloog zal met de patiënt bespreken welke het meest geschikt is.
Sluit de enquête
Geef uw mening over de website, of vertel ons hoe wij onze website kunnen verbeteren.
De volgende links voor privacy en servicevoorwaarden behoren tot de reCAPTCHA-plugin van Google.